‘Patiënt is strijdlustig,’ stond er in het rapport van de verpleegkundige.

Wat ze pas later doorkreeg was dat ik last had van een allergische reactie toen ik bijkwam na een ingewikkelde openhartoperatie. Ik voelde me ellendig, alleen al dankzij de buis die in mijn keel zat. Mijn lichaam begon hevig te trillen. Mijn armen trokken aan de banden waaraan ze vastzaten om te voorkomen dat ik mijn ademhalingsbuis er opeens uit zou trekken. Het was een angstige tijd met veel pijn. Op een gegeven moment pakte een verpleegkundig assistente die rechts van mij stond mijn hand vast. Dat was onverwacht, en ik ervoer het als bijzonder zachtaardig. Ik begon me te ontspannen, waardoor mijn lichaam een stuk minder heftig ging trillen.

Uit ervaring wist deze assistente dat een troostende hand kon helpen in de situatie waarin ik me bevond. Een mooi levend voorbeeld van hoe God troost gebruikt wanneer een van zijn kinderen het moeilijk heeft.

Voor iedereen die voor anderen zorgt is troost een krachtig middel dat je niet snel weer vergeet. Paulus schrijft dat het voor God een belangrijk instrument is (2 Kor. 1:3-4). Bovendien versterkt God het effect van zijn troost nog door ons de opdracht te geven om de herinnering aan zijn troost te gebruiken om op onze beurt anderen te troosten die in een vergelijkbare situatie verkeren (vs. 4-7). Zo is troost een teken van zijn grote liefde. Een teken dat we met anderen kunnen delen. Soms is een eenvoudig gebaar genoeg.