Als jong kind maakte mijn zus Maysel van bekende liedjes vaak haar eigen versie. ‘Jesus loves me, this I know, for the Bible tells Maysel,’ zong ze bijvoorbeeld. Deze gewoonte van haar irriteerde me mateloos. Als een van haar oudere en ‘wijzere’ zussen, wist ik dat de tekst niet ‘for the Bible tells Maysel’ maar ‘for the Bible tells me so’ moest zijn. Niet dat ze naar mij luisterde. Ze moest en zou het in haar eigen versie zingen.

Tegenwoordig denk ik dat mijn zus het nog niet zo gek bekeken had. De Bijbel spreekt inderdaad tot Maysel, en tot ons allemaal persoonlijk, over de liefde van Jezus. Het Nieuwe Testament wemelt ervan. Neem bijvoorbeeld de boeken die door de apostel Johannes geschreven zijn, ‘de leerling van wie Jezus hield’ (Joh. 21:7, 20). In een van de bekendste teksten uit de Bijbel vertelt hij over de liefde van God: ‘Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft’ (Joh. 3:16).

In zijn brief onderstreept John’s deze boodschap van liefde nog eens extra: ‘Het wezenlijke van de liefde is niet dat wij God hebben liefgehad, maar dat hij ons heeft liefgehad en zijn Zoon heeft gezonden om verzoening te brengen voor onze zonden’ (1 Joh. 4:10). Johannes wist dat Jezus hem liefhad, en net zo mogen wij vanuit die zekerheid leven: Jezus houdt van ons. De Bijbel zegt het zelf.