De hulpdiensten in de Californische plaats Carlsbad schoten een vrouw te hulp die zich niet meer kon herinneren wie ze was. Ze leed aan geheugenverlies en had geen papieren bij zich, daarom kon ze niet vertellen hoe ze heette of waar ze vandaan kwam. Slechts met de hulp van diverse artsen en internationale media werd ze weer beter, en kon ze haar verhaal vertellen en met haar familie herenigd worden.

Nebukadnessar, de koning van Babylon, raakte ook het zicht kwijt op wie hij was en waar hij vandaan gekomen was. Zijn ‘geheugenverlies’ was evenwel geestelijk van aard. Uit trots op zijn koninkrijk en koningschap vergat hij dat God de Koning der koningen is, en dat alles wat hij had van Hem kwam (Dan. 4:14, 25-27).

God verwarde de geest van de koning en liet het drama zich uitspelen door hem het veld in te sturen, waar hij met de wilde dieren was en als een koe graasde (vs. 29-30). Na zeven jaar keek Nebukadnessar ten slotte hemelwaarts, en kreeg hij zijn geheugen terug. Hij wist weer wie hij was, en ook wie hem zijn koningschap gegeven had. Eenmaal weer bij zinnen zei hij: ‘Ik, Nebukadnessar, roem, verhef en verheerlijk nu de koning van de hemel’ (vs. 34).

Hoe zit het met ons? Wie denken wij dat we zijn? Waar komen we vandaan? Ook wij zijn maar al te vaak geneigd dit soort dingen te vergeten. Op wie kunnen we rekenen om ons te helpen weer aan de Koning der koningen te denken?