Om in de behoefte van eenzame mensen te voorzien is er in veel landen sprake van een groeiende ‘huur-een-familie’-industrie. Er zijn mensen die hier gebruik van maken vanwege de ‘schone schijn’, zodat het bij sociale gebeurtenissen lijkt of ze een normaal gezinsleven hebben. Anderen huren acteurs in die de rol van een vervreemd familielid spelen, zodat ze het gevoel van een goede familieband kunnen ervaren, al is het maar voor even.

Deze trend weerspiegelt een fundamenteel feit: de mens is gemaakt als een relationeel schepsel. In het scheppingsverhaal dat we in Genesis tegenkomen kijkt God naar alles wat Hij gemaakt heeft en ziet Hij dat het ‘zeer goed’ is (1:31). Maar in het geval van Adam bedenkt God: ‘Het is niet goed dat de mens alleen is’ (2:18). Een mens heeft andere mensen nodig.

De Bijbel laat niet alleen onze behoefte aan relaties zien. Hij wijst er ook op waar die te vinden zijn: onder de volgelingen van Jezus. Vlak voor Hij stierf zei Jezus tegen zijn vriend Johannes om zijn moeder als die van hemzelf te beschouwen. Na Jezus’ heengaan moesten ze als familie voor elkaar zijn (Joh. 19:26-27). Paulus gaf de gelovigen de opdracht om met elkaar om te gaan als ouders en broers en zussen (1 Tim. 5:1-2). In de psalmen lees je dat het bij Gods verlossende werk in de wereld hoort dat Hij ‘eenzamen een thuis geeft’ (Ps. 68:7). God gaf de kerk als een van de beste plakken om dat te doen.

Dank God, die ons voor relaties geschapen heeft en ons zijn mensen als familie geeft.