Uit een onderzoek in 2018 kwam het feit naar voren dat mensen in een bepaald deel van de wereld niet graag over God spreken. Slechts zeven procent van de mensen daar zegt dat ze geregeld over geestelijke zaken spreken. Zelfs de christenen daar zijn nauwelijks anders. Slechts dertien procent van de regelmatige kerkbezoekers zegt dat ze ongeveer eens per week een geestelijk gesprek hebben.

Misschien is het niet zo vreemd dat het geestelijke gesprek in sommige delen van de wereld afneemt. Het kan gevaarlijk zijn om over God te praten. Of het nu is door de gepolariseerde politieke klimaat, omdat verschil van mening en breuk in relaties kan geven of omdat je door een gesprek over geestelijke zaken beseft dat je leven moet veranderen, dit kunnen gesprekken zijn waar enorm veel van afhangt.

Maar onder de instructies die God aan zijn volk Israël gaf, kan spreken over God een normaal, gebruikelijk en vanzelfsprekend onderdeel van het dagelijkse leven zijn. Gods volk moest zijn woorden uit het hoofd leren en vertonen op plekken waar ze vaak te zien zouden zijn. De wet gebood om ‘steeds’ over Gods aanwijzingen voor het leven te spreken met je kinderen ‘thuis en onderweg, als u naar bed gaat en als u opstaat’ (rvs. 19).

God roept ons om te spreken. Waag de gok, vertrouw op de Geest en probeer van een klein gesprek iets diepers te maken. God zal onze gemeenschappen zegenen wanneer we praten over zijn woorden en ze in praktijk brengen.