Auteurs

View All

Artikelen door David C. McCasland

Let op de dirigent

De wereldberoemende violist Joshua Bell heeft een bijzondere manier om zijn kamerorkest te dirigeren, de uit vierenveertig leden bestaande Academy of St. Martin in the Fields. Hij gebruikt geen dirigeerstokje, maar leidt het orkest terwijl hij met de andere violisten op zijn Stradivarius speelt. In een radioprogramma zei Bell: ‘Ook onder het spelen kan ik hen allerlei aanwijzingen en tekens geven. Waarschijnlijk zijn zij de enigen die ze begrijpen. Ze weten wat elke beweging van mijn viool betekent, of wanneer ik een wenkbrauw optrek, of wanneer ik op een bepaalde manier over mijn snaren strijk. Ze weten precies welk geluid ik van het hele orkest wil horen.’

Blijf nog even hangen

Toen we met de tienergroep over de filmreeks van The Lord of the Rings spraken, vertelde een van de jongeren dat hij liever een boek leest dan een film kijkt. Toen hem gevraagd werd waarom dat zo was, vertelde hij: ‘Met een boek kun je zo lang op één plek blijven als je maar wilt.’ Er is zeker iets te zeggen voor de kracht dat je in een boek of verhaal blijft hangen. Dat geldt al helemaal voor de verhalen in de bijbel.

Rouwen als dienstbetoon

In 2002 werd ik door een gemeentelid uitgenodigd voor een workshop rouwverwerking, die in onze kerk gegeven zou worden. Een paar maanden eerder waren mijn zus Martha en haar man Jim bij een verkeersongeluk om het leven gekomen. Met de nodige tegenzin stemde ik ermee in om de eerste bijeenkomst bij te wonen, al was ik vast van plan om het bij één keer te laten. Maar tot mijn verrassing kwam ik in een uiterst zorgzame groep terecht, met allemaal mensen die een zwaar verlies te verwerken hadden gekregen en met elkaar en met God probeerden dat te verwerken. Daarna miste ik geen week en groeide ik langzaam maar zeker in aanvaarding en rust door het verdriet dat we als groep met elkaar deelden.

Wees eens stil

‘In de laatste vijf jaar hebben we meer informatie voortgebracht dan in de hele geschiedenis ervoor, en het komt voortdurend allemaal op ons af,’ schrijf Daniel Levitin (in The Organized Mind: Thinking Straight in the Age of Information Overload, in het Nederlands vertaald als Een opgeruimde geest. Omgaan met de stortvloed aan informatie die dagelijks op je afkomt). ‘In zekere zin,’ meent Levitin, ‘zijn we verslaafd geworden aan hyperstimulatie.’ De doorlopende stortvloed aan nieuws en kennis kan je denken volledig overheersen. In de huidige wereld waarin je constant vanuit de media gebombardeerd wordt , wordt het steeds moeilijker om de tijd te vinden om stil te zijn, na te denken en te bidden.

Voor iedereen

In de huidige cultuur die zo door beroemdheid geobsedeerd is, hoeft het je niet te verbazen dat bedrijven ‘beroemdheden als producten in de markt zetten [. . .] waarbij zij hun persoonlijke tijd en aandacht kunnen verkopen’. In een artikel in The New Yorker schreef Vauhini Vara dat je voor $15.000 een persoonlijke ontmoeting met de zangeres Shakira kon krijgen, en voor $12.000 een lunch voor twaalf personen, op zijn eigen landgoed verzorgd door de bekende kok Michael Chiarello.

Een minzame reactie

Het golftoernooi van de US Masters werd in 1934 voor het eerst gehouden, en sindsdien zijn er maar drie spelers in geslaagd het twee keer achter elkaar te winnen. Op 10 april 2016 leek de toen tweeëntwintig jaar oude Jordan Spieth de vierde te worden die dat lukte. Maar bij de laatste negen holes ging het opeens minder goed, en hij eindigde op een gedeelde tweede plaats. Ondanks zijn teleurstellende verlies reageerde Spieth uiterst minzaam op de winnaar, Danny Willett. Hij feliciteerde hem met zijn overwinning en met de geboorte van zijn eerste kind, wat hij ‘veel belangrijker dan golf’ noemde.

Alle generaties

Mijn ouders zijn in 1933 getrouwd, midden in de ‘Grote Depressie’. Mijn vrouw en ik zijn babyboomers, uit de geboortegolf van na de Tweede Wereldoorlog. Onze vier dochters zijn in de jaren zeventig en tachtig geboren en horen bij Generaties X en Y. We zijn in zulke verschillende tijden opgegroeid, en het is dus niet zo gek dat we over zoveel dingen heel verschillend denken.

Wat je mee terugbrengt

De journalist John F. Burns heeft veertig jaar lang voor de New York Times over de gebeurtenissen in de wereld geschreven. In een artikel dat hij na zijn pensioen in 2015 schreef, haalde Burns de woorden van een goede vriend en collega-journalist op, die aan kanker overleden was. ‘Vergeet nooit,’ had zijn vriend gezegd, ‘dat het er niet om gaat hoe ver je gereisd hebt, maar wat je mee teruggebracht hebt.’

Geen hokjes

Een kerk bij ons in de stad heeft een uniek welkomstkaartje, waarop Gods genade en liefde voor iedereen prachtig verwoord is. Er staat: ‘Of je nu een heilige, zondaar, verliezer, winnaar . . .’ (en dan volgen er nog allerlei andere aanduidingen van wat mensen kunnen zijn die met van alles en nog wat worstelen) ‘. . . alcoholist, hypocriet, bedrieger, bangerik, . . . bent: bij ons ben je welkom.’ De predikant vertelde me dat ze de tekst van dat kaartje iedere zondag tijdens de dienst samen opzeggen.

Zou ik dat kunnen zeggen?

‘Wanneer er in een gezin een lieveling is, is dat een van de belangrijkste factoren die aan rivaliteit tussen broers en zussen bijdragen,’ heeft Barbara Howard gezegd, een kinderarts die in ontwikkeling en gedrag gespecialiseerd is. Een goed voorbeeld zou de oudtestamentische figuur van Jozef kunnen zijn. Hij was de favoriete zoon van zijn vader, wat zijn oudere broers woedend maakte (Gen. 37:3-4). Daarom verkochten ze Jozef aan handelaars die naar Egypte reisden en deden ze of hij door een wild dier gedood was (37:12-36). Zijn dromen lagen aan diggelen, en zijn toekomst leek bijzonder hopeloos.

Samen spelen in harmonie

We woonden een optreden van de schoolband bij waarin onze kleindochter meespeelde, en ik was onder de druk van de manier waarop deze groep elfen twaalfjarigen samen speelde. Als ze allemaal solo hadden willen optreden, dan hadden ze in hun eentje nooit bereikt wat ze samen wel konden. De verschillende soorten blazers en percussionisten speelden elk hun deel en de harmonie die resulteerde was prachtig.

Het ritme van de genade

Een vriend van ons en zijn vrouw, die nu in de negentig zijn en zesenzestig jaar getrouwd zijn, schreven hun familiegeschiedenis op voor hun kinderen, kleinkinderen en de generaties daarna. In het laatste hoofdstuk, ‘Een brief van mam en pap’, beschreven ze een aantal belangrijke levenslessen die ze door de jaren heen geleerd hadden. Een ervan zette me stil en bracht me ertoe van mijn eigen leven de balans op te maken: ‘Als je merkt dat het christendom je afmat en al je energie opslurpt, dan beoefen je meer een religie, dan dat je van een relatie met Jezus Christus geniet. Als je met de Heer leeft zul je niet vermoeid raken; dat geeft je energie, zorgt ervoor dat je weer op krachten komt en zet je leven in vuur en vlam’ (Mat. 11:28-29).

Related Topics

> Ons Dagelijks Brood

Uit elkaar maar niet verlaten

Met een brok in de keel nam ik afscheid van mijn nicht. Het was de avond voordat ze naar Massachusetts zou verhuizen, waar ze aan de universiteit van Boston ging studeren. Daarvoor had ze al vier jaar in een andere stad gestudeerd, maar ze was de staat niet uit geweest. Toen hoefden we maar tweeënhalf uur te rijden om elkaar te zien. Maar nu ging ze meer dan duizend kilometer verderop wonen. We zouden elkaar veel minder zien. Ik moest erop vertrouwen dat God haar zou bewaren.

Wonen in een tent

Ik ben opgegroeid in Minnesota, een staat die bekend is om zijn vele prachtige meren. Daardoor ging ik graag kamperen om te genieten van de schoonheid van Gods schepping. Maar slapen in een dun tentje was niet echt mijn favoriete onderdeel van die ervaring. Dat gold in het bijzonder wanneer het ’s nachts regende en ik met slaapzak en al in het lekke tentje nat werd.

Als u het zegt . . .

In Sri Lanka is een man genaamd Refuge Rabindranath al meer dan tien jaar jeugdwerker. Vaak is hij tot diep in de nacht met jongeren bezig. Hij praat met hen, luistert naar hen, dient hun van advies en onderwijst hen. Hij geniet ervan om met jongeren te werken, maar soms is het ontmoedigend om te zien dat veelbelovende studenten zich van het geloof afkeren. Er zijn momenten waarop hij zich als Simon Petrus in Lucas 5 voelt.