Auteurs

View All

Artikelen door Xochitl Dixon

Eeuwige bloemen

Als kleuter vond mijn zoon Xavier het geweldig om me bloemen te geven. Ik genoot van ieder geplukte plantje en elke bloesemtak die hij met zijn vader in de winkel gekocht had. Ik koesterde ze stuk voor stuk tot ze verdorden en ik ze moest weggooien.

Vergeven of niet?

Ik kwam vroeg aan bij de kerk om te helpen de boel op te bouwen voor de grote bijeenkomst die georganiseerd werd. Een vrouw stond aan het andere eind van de kerkzaal te huilen. In het verleden had ze me flink gekwetst en over me geroddeld, en ik overstemde haar gesnik al snel met het geluid van de stofzuiger. Waarom zou ik me druk maken over iemand die mij totaal niet mocht?

Wanneer ‘ja’ ‘nee’ betekent

Ik dankte God voor het voorrecht om als mantelzorger bij mijn moeder te zijn tijdens haar strijd tegen leukemie. Toen de medicijnen meer pijn begonnen te veroorzaken dan dat ze hielpen, besloot ze met de behandeling te stoppen. ‘Ik wil niet nog meer lijden,’ zei ze. ‘Mijn laatste dagen wil ik samen met mijn gezin nog een beetje genieten. God weet dat ik er klaar voor ben om naar huis te gaan.’

Gewassen in liefde

Een kleine gemeente zag een gelegenheid om Gods liefde op praktische manier te laten zien. Volgelingen van Jezus kwamen samen in een plaatselijke wasserette om iets voor hun gemeenschap te doen door kleren te wassen van mensen die het niet zo breed hadden. Ze maakten ze schoon en vouwden ze op, en soms gave er een warme maaltijd of een tas met wat boodschappen bij.

Leef dicht bij God

In zijn boek Onversneden christendom schrijft C.S. Lewis: ‘Vrijwel zeker leeft God niet in de tijd. Zijn leven bestaat niet uit momenten die elkaar opvolgen (. . .) Het is voor Hem voortdurend half elf en elk ander moment sinds het begin van de tijd.’ Toch kan een periode van wachten eindeloos duren. Maar als je leert op God te vertrouwen, de eeuwige Bedenker van de tijd, dan kun je accepteren dat ons fragiele bestaan in zijn handen veilig is.

Een oprecht ‘dank u wel’

Ter voorbereiding op het eerste sollicitatiegesprek van onze zoon Xavier, gaf mijn man Alan hem een stapeltje bedankkaarten die hij kon versturen na de gesprekken met zijn toekomstige werkgevers. Toen deed hij of hij een personeelsmedewerker was en gebruikte hij zijn vele jaren ervaring als manager om Xavier vragen te stellen. Na dit rollenspel deed Xavier zijn cv in een map en glimlachte toen Alan hem aan de bedankkaartjes herinnerde. ‘Ik weet het,’ zei hij. ‘Met een oprecht bedankje onderscheid ik me van de andere kandidaten.’

Geef de hoop nooit op

Toen mijn vriendin de diagnose van kanker te horen kreeg, adviseerde de arts haar om haar zaken op orde te brengen. In tranen belde ze me op. Ze was erg bezorgd over haar man en kinderen. Haar dringende vraag om gebed deelde ik met onze wederzijdse vrienden. We waren blij toen een andere arts haar aanmoedigde om nooit de hoop op te geven en zei dat hij met zijn team alles zou doen wat ze konden om te helpen. Sommige dagen waren moeilijker dan andere, maar ze richtte zich op God in plaats van de kleine kans die ze menselijkerwijs gesproken had. Ze weigerde op te geven.

Leef als een strijder

Emma van achttien spreekt met veel toewijding over Jezus op de sociale media, ook al zijn er pestkoppen die kritiek hebben op haar enthousiasme en blijde liefde voor Jezus. Sommigen maken akelige opmerkingen over haar uiterlijk. Anderen suggereren dat ze wel een heel laag IQ moet hebben om zo enthousiast over haar geloof te zijn. Alle nare woorden raken Emma diep in haar hart, maar ze blijft trouw en moedig de blijde boodschap verspreiden. Toch komt ze wel eens in de verleiding om te denken dat haar waarde en identiteit bepaald worden door de kritiek die anderen op haar hebben. Als dat gebeurt vraagt ze God om hulp, bidt voor de mensen die haar vervolgen, denkt na over de woorden van de Schrift en houdt vol met een kracht, moed en vertrouwen die de Geest haar geeft.

Vul je naam maar in

Er is een serie kinderboeken van de hand van Glenys Nellist genaamd Gods liefdesbrieven. Daarin moedigt de schrijfster kinderen aan om op een heel persoonlijke manier met de Heer om te gaan. Deze boeken bevatten een ‘brief van God’ met na elk bijbelverhaal ruimte waarin de kinderen hun eigen naam kunnen schrijven. Deze persoonlijke aanpak helpt jonge lezers om te beseffen dat de Bijbel niet zomaar een boek vol verhalen is. Ze leren dat de Heer een relatie met hen wil en dat Hij door de Schrift heen tot zijn zeer geliefde kinderen spreekt.

Wat je ook doet

Toen hij op zijn drieëndertigste christen werd, zo gaf C.S. Lewis toe in zijn boek Surprised by Joy (Verrast door vreugde), was het ‘schoppend, worstelend, boos en alle kanten opkijkend op zoek naar een kans om te ontsnappen’. Ondanks Lewis’ eigen verzet, zijn tekortkomingen en de obstakels die hij moest overwinnen, veranderde de Heer hem in een moedig en creatief verdediger van het christelijke geloof. Hij schreef sterke essays en verhalen waarin hij de waarheid en liefde van God krachtig neerzette en die vandaag de dag (meer dan vijfenvijftig jaar na zijn overlijden) nog steeds gelezen, bestudeerd en doorgegeven worden. Zijn hele leven weerspiegelde zijn overtuiging dat je ‘nooit te oud bent om een nieuw doel te stellen of een nieuwe droom te dromen’.

Leef. Bid. Heb lief.

Mede door de invloed van ouders die overtuigd gelovig waren, leefde atleet Jesse Owens als een zeer gelovig en moedig man. Tijdens de Olympische Spelen van 1936 in Berlijn won hij, als een van de weinige zwarte deelnemers aan het team van de Verenigde Staten, vier gouden medailles, en dat onder het hatelijk toeziend oog van de nazi’s en hun Führer. Daarnaast raakte Owens bevriend met zijn collega-atleet Luz Long, een Duitser. Te midden van de nazipropaganda bracht hij zijn geloof in praktijk en beïnvloedde zo het leven van Long. Later schreef Long in een brief aan Owens: ‘Op dat moment in Berlijn, toen ik je voor het eerst sprak en jij met één knie op de grond zat, wist ik dat je aan het bidden was (. . .) ik denk dat ik misschien ook wel in God geloof.’

Eerbetoon aan Gods creativiteit

Muziek vulde de kerkzaal toen de kleurenblinde kunstenaar Lance Brown het podium betrad. Met zijn rug naar de gemeente gekeerd nam hij plaats voor een groot wit doek en doopte zijn kwast in de zwarte verf. Met grote halen schilderde hij een kruis op het doek. Met zijn kwasten en handen zette de visuele verhalenverteller de ene streek na de andere op het doek en creëerde zo indrukwekkende beelden van de kruisiging en opstanding van Jezus. Grote delen van het doek bedekte hij met zwarte verf, waaraan hij blauwe en witte accenten toevoegde zodat hij in nog geen zes minuten een nu abstract schilderij gemaakt had. Hij pakte het doek op, draaide het om en zette het op de kop weer neer. Nu was er een heel ander beeld te zien: een gezicht vol mededogen, dat van Jezus.

We gebruiken cookies voor een betere brows-ervaring. Door deze website te blijven gebruiken stemt u hiermee in. Hier vind u meer informatie over ons gebruik van cookies en hoe u ze kunt uitschakelen.