Categorie  |  Ons Dagelijks Brood

Uit elkaar maar niet verlaten

Met een brok in de keel nam ik afscheid van mijn nicht. Het was de avond voordat ze naar Massachusetts zou verhuizen, waar ze aan de universiteit van Boston ging studeren. Daarvoor had ze al vier jaar in een andere stad gestudeerd, maar ze was de staat niet uit geweest. Toen hoefden we maar tweeënhalf uur te rijden om elkaar te zien. Maar nu ging ze meer dan duizend kilometer verderop wonen. We zouden elkaar veel minder zien. Ik moest erop vertrouwen dat God haar zou bewaren.

Wonen in een tent

Ik ben opgegroeid in Minnesota, een staat die bekend is om zijn vele prachtige meren. Daardoor ging ik graag kamperen om te genieten van de schoonheid van Gods schepping. Maar slapen in een dun tentje was niet echt mijn favoriete onderdeel van die ervaring. Dat gold in het bijzonder wanneer het ’s nachts regende en ik met slaapzak en al in het lekke tentje nat werd.

Als u het zegt . . .

In Sri Lanka is een man genaamd Refuge Rabindranath al meer dan tien jaar jeugdwerker. Vaak is hij tot diep in de nacht met jongeren bezig. Hij praat met hen, luistert naar hen, dient hun van advies en onderwijst hen. Hij geniet ervan om met jongeren te werken, maar soms is het ontmoedigend om te zien dat veelbelovende studenten zich van het geloof afkeren. Er zijn momenten waarop hij zich als Simon Petrus in Lucas 5 voelt.

Zoet en zuur

Toen onze peuter voor het eerst in een schijfje citroen hapte, vertrok hij zijn neusje, stak zijn tong uit en kneep zijn oogjes stijf dicht. ‘Sjuuw,’ zei hij (zuur).

Dagelijks gebed

Singer-songwriter Robert Hamlet schreef het liedje ‘Lady Who Prays for Me’ als eerbetoon aan zijn moeder. Zij had de gewoonte om elke ochtend voor haar jongens te bidden voordat ze naar de bushalte liepen om naar school te gaan. Toen een jonge moeder Hamlet zijn liedje hoorde zingen, nam ze zich voor om ook met haar zoontje te bidden voor hij naar school ging. Het effect was hartverwarmend. Net voor de jongen naar de bushalte ging, bad zijn moeder voor hem. Vijf minuten later was hij weer terug. Hij had andere schoolkinderen bij zich die bij de bushalte stonden te wachten. Zijn moeder schrok een beetje en vroeg wat er aan de hand was. De jongen antwoordde: ‘Hun moeders hebben niet met hen gebeden.’

Samen naar de finish

Tijdens de Olympische Spelen van 2016 in Rio kwamen twee atleten die aan de 5000 meter deelnamen op een bijzondere manier in het nieuws. Toen ze zo’n 3200 meter hadden afgelegd, kwamen de Nieuw-Zeelandse Nikki Hamblin en de Amerikaanse Abbey D’Agostino met elkaar in botsing, waardoor ze allebei vielen. Abbey was al snel weer op de been, maar ze bleef om Nikki overeind te helpen. Toen ze net weer aan het lopen waren begon Abbey te wankelen. Als gevolg van de val was haar rechterbeen gewond geraakt. Nu was het Nikki’s beurt om te stoppen en haar collega aan te moedigen om door te gaan. Toen Abbey ten slotte de finish over strompelde, stond Nikki haar op te wachten en omhelsde ze haar. Wat een prachtig beeld van wederzijdse aanmoediging.

Het allerbeste deel

‘Hij heeft een groter stuk dan ik!’

Let op de dirigent

De wereldberoemende violist Joshua Bell heeft een bijzondere manier om zijn kamerorkest te dirigeren, de uit vierenveertig leden bestaande Academy of St. Martin in the Fields. Hij gebruikt geen dirigeerstokje, maar leidt het orkest terwijl hij met de andere violisten op zijn Stradivarius speelt. In een radioprogramma zei Bell: ‘Ook onder het spelen kan ik hen allerlei aanwijzingen en tekens geven. Waarschijnlijk zijn zij de enigen die ze begrijpen. Ze weten wat elke beweging van mijn viool betekent, of wanneer ik een wenkbrauw optrek, of wanneer ik op een bepaalde manier over mijn snaren strijk. Ze weten precies welk geluid ik van het hele orkest wil horen.’

Verandering

Elke dinsdag zag ik Mary tijdens mijn bezoekjes aan ‘het Huis’. Dat is een huis waar ex-gedetineerden begeleid kunnen wonen, terwijl ze zich voorbereiden om weer de maatschappij in te gaan. Haar leven was totaal anders dan het mijne: ze kwam net uit de gevangenis, worstelde met verslavingen en moest gescheiden van haar zoon leven. Je kunt gerust zeggen dat ze aan de rand van de samenleving stond.

Een grens aan je boosheid

Ik zat eens aan tafel met een vriendin die haar hart luchtte over een zeker lid van haar gezin. Ze had het helemaal met hem gehad. Maar ze voelde er weinig voor om tegen hem iets te zeggen over zijn irritante gewoonte om haar te negeren en belachelijk te maken. Toen ze dat toch een keer deed, reageerde hij met allerlei sarcastische opmerkingen, waarop zij in woede uitbarstte. Allebei zetten ze hun hakken in het zand, en de kloof in het gezin werd nog breder.

Hoe heet je vader?

Toen ik in het Midden-Oosten was en een mobiele telefoon wilde aanschaffen, werden mij de gebruikelijke vragen gesteld: naam, nationaliteit, adres. Maar terwijl de bediende het formulier aan het invullen was, vroeg hij ook: ‘Hoe heet je vader?’ Dat vond ik een verrassende vraag, en ik vroeg me af waarom dat belangrijk zou zijn. In mijn cultuur zou dat weinig uitmaken, maar hier was het noodzakelijk om te kunnen bepalen wie ik was. In sommige culturen is je afkomst van groot belang.

We hebben een koning!

Eerst kwetste ik mijn man met allerlei gemene dingen die ik zei, toen ik een keer mijn zin niet kreeg. Vervolgens stootte ik het gezag van de Heilige Geest af die mij aan bijbelteksten herinnerde waaruit mijn zondige houding bleek. Was het koesteren van mijn hardnekkige trots echt belangrijker dan de bijkomende schade aan mijn huwelijk en mijn ongehoorzaamheid aan God? Welnee, natuurlijk niet. Toen ik het ten slotte over mijn hart kon verkrijgen om de Heer en mijn man om vergeving te vragen, had ik een waar spoor van verwondingen achtergelaten. Dat was het gevolg van het negeren van wijze raad en het leven alsof ik aan niemand dan mijzelf verantwoording schuldig was.

We gebruiken cookies voor een betere brows-ervaring. Door deze website te blijven gebruiken stemt u hiermee in. Hier vind u meer informatie over ons gebruik van cookies en hoe u ze kunt uitschakelen.